Pre-PhD fase

Een kandidaat-promovendus begint bij Centrum Regionale Kennisontwikkeling (CRK) / Dual PhD Centre in de pre-PhD fase. Deze fase start na een intake en positieve beoordeling van de eerste plannen van de kandidaat-promovendus.

De intake

Directeur CRK, Dr. Adriaan in 't Groen MPA

Directeur CRK, Dr. Adriaan in 't Groen MPA

Het eerste gesprek met de kandidaat wordt door de directeur CRK, dr. Adriaan in 't Groen MPA, gevoerd over haar of zijn eerste, beknopte en veelal nog onvoldragen startnotitie over haar of zijn dissertatiethema en dissertatieplan. Dit is de eerste stap in het promotieproces. Bij het ontwerpen van de startnotitie kan het model onderzoeksvoorstel behulpzaam zijn. Nagegaan wordt of de plannen van de kandidaat kansrijk uitgewerkt kunnen worden. Onderzocht wordt of deze enerzijds aansluiten bij haar of zijn opleiding en beroepservaring en anderzijds verbonden kunnen worden met de expertise van één van de wetenschapsdisciplines van de graduate schools van de Universiteit Leiden en de specialisaties van één van de Leidse hoogleraren. De startnotitie, een gedetailleerd curriculum vitae en voorbeelden van eerder vervaardigde werkstukken/artikelen van de kandidaat zijn de ingrediënten voor dit eerste toetsmoment.

Een belangrijk aspect van de intake is de mogelijkheden die de kandidaat-promovendus heeft of kan krijgen om aan haar of zijn proefschrift te kunnen werken. Tijdens de pre-PhD fase moet dat tenminste een werkdag zijn. Belangrijk is dat er focus en concentratie kan ontstaan. Daarom moet de beschikbare tijd voor de dissertatie worden gebundeld in aaneengesloten perioden. Tijdens de PhD fase moeten er ten minste 2 werkdagen beschikbaar zijn om aan de dissertatie te werken. Bij dit doctoraatprogramma is het doel om in zo kort mogelijke tijd met een zo groot mogelijke slagingskans te werken aan een proefschrift. In deze intensieve periode moet het proefschrift het hoofdonderwerp zijn waarmee de promovendus bezig is. Anders lukt het niet. Tijdens de intake wordt besproken hoe hier stap voor stap naar toe gewerkt kan worden.


Pre-PhD programma

Tijdens de pre-PhD fase participeert een kandidaat-promovendus in het speciaal ontworpen opleidingsprogramma en werkt hij/zij aan een gedetailleerd onderzoeksvoorstel. In onderstaande figuur zijn deze bouwstenen uitgewerkt. Meer informatie hierover vindt u hieronder en in de ‘prospectus 2015 Pre-PhD programme’.

De programmacoördinatoren zijn dr. Mark Dechesne en Charlotte de Roon, MSc  . Door systematische en continue evaluatie met de groep duale promovendi wordt het pre-PhD programma verder verbeterd. De duale promovendi spelen, als ervaren kenniswerkers, hierin zelf een actieve en creërende rol.

Het onderzoeksvoorstel

In de pre-PhD fase wordt het fundament voor het proefschrift gelegd in deze eenjarige selectieve periode. Centraal in deze periode staat dat de kandidaat-promovendus leert hoe het onderzoeksvoorstel, verder uitgewerkt wordt in een gedetailleerd dissertatie- en onderzoeksplan. Dat is tevens het inleidende hoofdstuk van het proefschrift waarin onderzoeksvraag, hypothese, onderzoeksopzet en onderzoeksproces nauwkeurig zijn beschreven. Daarbij wordt gekeken hoe de beroepspraktijk van de kandidaat-promovendus betrokken kan worden bij het onderzoek.

Wanneer dit onderzoeksvoorstel in detail is ontworpen, wordt het voorgelegd aan de directeur en een tweede staflid van het centrum. Samen met hen wordt gezocht naar de meest geschikte inbedding in een wetenschapsdiscipline en graduate school van de Universiteit Leiden. Dan wordt ook een beoogd promotor gezocht. Deze is wettelijk verantwoordelijk voor de wetenschappelijke kwaliteit. Hoogleraren bij een universiteit beschikken daarvoor over het wettelijk verankerde, persoonlijk recht Ius Promovendi, dat is uitgewerkt in het promotiereglement van Universiteit Leiden. Als de beoogd promotor met het onderzoeksvoorstel instemt, zal hij door de decaan van de faculteit aangewezen worden als promotor, en schrijft de promovendus zich in de bij de graduate school van de faculteit.

Opleiding

In de pre-PhD fase volgt de kandidaat-promovendus speciaal ontworpen cursussen en workshops. Deze bestaan uit zowel verplichte vakken als keuzevakken. Omdat educatie bijdraagt aan de wetenschappelijke kwaliteit van onderzoek hebben we in ons opleidingsprogramma verschillende verplichte state of the art courses geïdentificeerd waarmee PhD-kandidaten vaardigheden ontwikkelen die cruciaal worden geacht voor goed wetenschappelijk onderzoek. Onderwerpen als 'Project management for dual PhD research', 'How to write a PhD research proposal', ‘Research Design’, en ‘Impact and Valorisation’, komen aan bod.

Onderdeel van de state of the art courses is ook de wekelijkse promovendilunch bij het CRK. Tijdens deze lunch presenteert een promovendus de vorderingen van haar of zijn onderzoek aan de gehele groep promovendi en de staf van het centrum. Ook worden er met de groep specifieke thema's besproken zoals bijvoorbeeld wetenschappelijke integriteit, auteursrechten en het opstellen van een onderzoeksvraag. Zo nu en dan worden daar externen bij uitgenodigd. Eens in de zes weken schuift er een promotor aan. Die vertelt dan over haar of zijn ervaringen als promotor en de do's en dont's voor promovendi. Zo ontstaat een wetenschappelijke omgeving waarin intervisie en dialoog tot stand komt.

Naast de state of the art courses worden verschillende electives (keuzevakken) aangeboden. Er wordt bezien welke individuele vaardigheden verder ontwikkeld moeten worden om het promotieplan te kunnen uitvoeren. Daartoe wordt mede gebruik gemaakt van het ruime aanbod van de faculteiten en graduate schools van de Universiteit Leiden. Kandidaten selecteren in samenspraak met de staf van het centrum de onderwerpen die voor hun onderzoek van belang zijn. Voorbeelden van keuzevakken zijn 'Introduction to SPSS' en 'Open interview and qualitative data analysis’. Ook themagroepen zijn onderdeel van de keuzevakruimte. Een themagroep bestaat uit ongeveer vijf promovendi die in hun onderzoek met eenzelfde soort thema bezig zijn. Een dergelijke groep biedt de mogelijkheid elkaars onderzoek te bespreken, tips uit te wisselen, externen uit te nodigen, methoden te bediscussiëren, etc. Huidige thema's zijn: kopgroep, sociale interventies, onderwijs, historisch onderzoek, veiligheid, cognitie & informatieverwerking en politiek, beleid & recht.

Na het volgen van de cursussen en workshops en na goedkeuring van het onderzoeksvoorstel wordt de pre-PhD fase afgerond. Kandidaat-promovendi krijgen hiervoor een bewijs van deelname. Dan kan worden begonnen aan de twee- tot driejarige PhD fase.


Dissertatietraject in vogelvlucht

Lees meer informatie over het dissertatietraject in het stappen-overzicht.

 
Laatst Gewijzigd: 17-04-2015